Category Archives: Samenleving

De absolute God (everything in it’s right place)

De absolute God (everything in it’s right place)

Bestaat er iets dat voldoet aan het concept van God,een in absoluut zin volmaakt wezen of bestaat dit niet.

Volmaaktheid staat voor het tegendeel van de mens.

Binnen het concept van God of een Godheid is er automatisch sprake van volmaaktheid.  Een onvolmaakte God is geen God daarom kan God in het concept van God als goddelijk wezen alleen maar volmaakt zijn. Het gehele concept van God is anders zinloos en ook de vraag is dan zinloos.

God moet dus de volmaakte oorzaak zijn op letterlijk elk gebied. God moet dus wil er sprake zijn van een goddelijk wezen ook volmaakt bewustzijn zijn, dat wil zeggen het zich bewust zijn van letterlijk alle mogelijke dingen, en God moet volmaakte intelligent zijn, dus altijd alles weten met betrekking tot hetgeen waarvan God zich bewust is. God moet niet meer denken (werkend intellect) maar er moet sprake zijn van intelligentie in permanent voltooide vorm, het volmaakte weten of anders gezegd het alwetend zijn. De wijze waarop God regeert en bestuurd moet volmaakt zijn, er mag in absolute zin dus geen sprake zijn van partijdigheid, onrechtvaardgheid en willekeur. God moet in alles absoluut objectief zijn en God moet transparant zijn.

De mens als oorzaak (schepper)

Mbrain-imageensen hebben heel veel dingen gecreëerd\gemaakt\geschapen, daarvan is de mens de fysieke oorzaak.

Maar mensen zijn ook zaken komen aantreffen die wij niet gecreëerd of geschapen hebben, met andere woorden waarvan mensen niet de oorzaak of schepper zijn.

De zaken welke de mens in materiële zin geschapen heeft zijn echter niet plotseling ontstaan. Men werd zich ergens bewust of gewaar van, het bewustzijn werd zich ergens van gewaar, dit is aan de hand van intellect uitgewerkt totdat er sprake was van een, vanuit menselijk oogpunt bezien, materiële \fysieke menselijke schepping.

Hetgeen ‘fysieke’ vorm aannam was eerst echter aanwezig in het bewustzijn, daar leefde het idee aanvankelijk, onzichtbaar maar toch aanwezig. In “materiële” zin onzichtbaar voor diegene die het idee bezat en onzichtbaar voor alle andere mensen om hem of haar heen. Het consequent toepassen van intellect op dit idee heeft de ‘materiële’ schepping tot gevolg. Dit is bij elk menselijke schepping het proces en daardoor is er sprake van een principe omdat er altijd sprake is van dezelfde wetmatigheid.

Er is eerst sprake van bewustwording van (een of het) bewustzijn doordat deze in aanraking of contact komt met een idee. Dit idee wordt aan de hand van het intellect (werkend gezond verstand) uitgewerkt en heeft vervolgens op of na een bepaald punt in het denkproces en de voortschrijdende bewustwording , en na eventuele fysieke arbeid, een materiële schepping tot gevolg.

Dit is het scheppingsproces van de mens.

God als bewustzijn

bewustzijn

 

De wetmatigheid welke geldt voor de mens met betrekking tot scheppingen en creëren moet omdat er sprake is van een principe ,dan ook gelden voor dingen die wij als mensen niet geschapen of gecreëerd hebben. Een principe is altijd en overal geldig, het geldt niet voor sommige zaken wel en voor andere niet.

Ook met betrekking tot niet menselijke scheppingen moet er dan sprake zijn van een ander bewustzijn of wezen, waarbij de dingen die mensen niet geschapen hebben, in het bewustzijn van dat wezen aanwezig waren .

Het “andere” wezen of bewustzijn ,moet zich dus bewust zijn geweest van deze dingen, waardoor zij deel zijn gaan uitmaken van het bewustzijn van dit wezen. Het vertrekpunt voor creëren of scheppen.

Dit wezen van bewustzijn , moet dan hetgeen zijn wat mensen bedoelen met het woord , de entiteit, of het concept God, een godheid of goden.

Een God, binnen het concept van God, moet dus, gebaseerd op het principe dat alles een oorzaak heeft en dat het vertrekpunt van een schepping of creatie , bewust zijn of bewustwording binnen of van het bewustzijn is, bestaan.

 Het feit dat er zaken zijn waarvan de mens niet de schepper, oorzaak of veroorzaker is, vormt volgens het bovenstaande principe het bewijs dat dit bewustzijn bestaat omdat geen enkel ding uit zichzelf bestaat of ontstaat maar een oorzaak of veroorzaker heeft in de vorm van, in eerste instantie,(het) bewustzijn dat zich bewust is of word.

Ook al is een oorzaak niet bekend op een bepaald moment in tijd,dan wil dat niet zeggen dat er geen oorzaak is. Sommige zaken waarvan wij nu de oorzaken kennen in 2016 waren niet bekend in  het jaar1516. Toch waren die oorzaken reeds bestaand en werkzaam in het jaar 1516. Ondanks dat zij niet bekend waren is het niet het geval dat zij daarom ook niet bestonden.

Bewijzen hoeven niet in fysieke zin aangetoond te worden, deze kunnen ook geleverd worden in abstracte zin via een sluitende en op logica gebaseerde theorie of verklaring of concept.

In dit geval is er sprake van een wezen in de vorm van bewustzijn waardoor het bestaan ervan in absolute zin nooit in fysieke of tastbare zin aangetoond zal kunnen worden omdat bewustzijn niet zichtbaar is.

Alleen de uitingsvormen van bewustzijn, bijvoorbeeld een schepping, een principe of een systeem zijn zichtbaar, het bewustzijn zelf , de veroorzaker, echter niet.

Er is een ander bewustzijn welke de oorzaak is van alle dingen , inclusief de mens, waarvan de mens niet de oorzaak is, doordat deze dingen aanwezig zijn in het bewust zijn van dat bewustzijn, de oorzaak in absolute zin . Dat is hetgeen aan de hand van logica naar voren komt.

God , of het concept god , of welke naam daaraan ook gegeven wordt, is echter in de uitingsvorm  als absoluut bewustzijn onzichtbaar, net zoals het bewustzijn van mensen niet zichtbaar is, daarom kan God niet en nooit aanschouwd worden.

God als intelligentie

brain

Na het moment of proces van bewust zijn of bewustwording is de volgende fase bij de mens het toepassen van intellect op hetgeen waarvan men zich bewust is.

Het absolute bewustzijn (God of welke andere naam dan ook), moet dan uiteraard omdat het een principe betreft ,ook over absolute intelligentie beschikken om hetgeen waar het zich van bewust is in een volmaak functionerende vorm te kunnen creëren.

Absolute intelligentie heeft absolute kennis tot gevolg hetgeen neer komt op alwetendheid of kennis in permanent voltooide vorm, het weten.

Het bewustzijn God ,weet op het moment dat het zich ergens van bewust is, tegelijkertijd ook op welke wijze dit in absolute of volmaakte zin vorm gegeven dient te worden.

God is naast bewustzijn als oorzaak ook intelligentie.

De absolute schepping is dus volmaakt foutloos en in absolute zin rechtvaardig  en objectief.

Zaken welke in relatieve of onvolmaakte context onrechtvaardig zijn kunnen vanuit God , het absolute volmaakte, bezien , rechtvaardig zijn. Het absolute regeert en bestuurd met betrekking tot het geheel en vanuit alwetendheid en niet gebaseerd op delen of vanuit relatieve waarheden.

 Bewustzijn is onzichtbaar maar bestaat desondanks, intelligentie is ook onzichtbaar maar bestaat ook desondanks omdat het proces daarvan en het eindresultaat zichtbaar is.

God in deze uitingsvorm van volmaaktheid zal ook onzichtbaar zijn en altijd onzichtbaar blijven omdat intelligentie als materie niet zichtbaar is.

God als principe

justice 6

Om onpartijdigheid , rechtvaardigheid en objectiviteit met betrekking tot hetgeen waarvan God zich bewust is te garanderen moet God als absolute Intelligentie geconcludeerd hebben dat dit alleen mogelijk is als God letterlijk zou functioneren als een principe.

Deze waarden komen automatisch voort uit volmaaktheid.

Een volmaakt principe is een principe welke in absolute zin niet veranderd kan worden, het staat voor eeuwig vast. Dit in tegendeel tot de onvolmaakte of relatieve menselijke principes welke men kan veranderen of verlaten

Dit, het bestaan als een principe, kan God alleen bewerkstelligen door in letterlijke zin een te worden met het concept van een principe zelf.  Principes kunnen zichzelf niet veranderen, die kunnen alleen van buitenaf veranderd worden. God kan zichzelf, eenmaal verenigd met het principe en al hetgeen daaruit voortvloeit , dan ook niet meer veranderen. Vanuit het begrip van principes geredeneerd is dit het volmaakt principe.

Hiermee is absolute volmaaktheid in alles voor eeuwig gegarandeerd.

Principes zijn echter niet zichtbaar die zijn alleen bekend door hun werking en hun gevolg.

In deze bestaansvorm is God en zal God ook altijd , in “materiële” zin onzichtbaar zijn en blijven.

 God als systeem

god 2

 

 

 

 

 

Een principe bestaat er om de werking van een systeem op een bepaalde wijze te garanderen. God als principe ondersteund dus een (goddelijk, absoluut of volmaakt) systeem, omdat het concept van God gebaseerd is op volmaaktheid, en volmaaktheid on absolute zin alleen volmaaktheid ondersteunt, geen onvolmaaktheid.

Een volmaakt systeem wordt door volmaakte wetmatigheden in stand gehouden of bestuurd en beheert , waar volmaakte principes uit voortkomen, welke het volmaakt systeem in stand houden.

Het volmaakt systeem is bedoeld om hetgeen waar het volmaakte bewustzijn zich van bewust of gewaar is in een absolute vorm en door middel van absolute intelligentie (kennis),tot stand te brengen, dit is de schepping of de creatie.

Het absolute systeem wordt geregeerd en bestuurd door absolute principes om de volmaakte werking van het systeem te altijd garanderen.

Het absolute systeem is eveneens God omdat het volmaakte alleen het volmaakte kan voortbrengen.

Vanuit het absolute beschouwd ,kan hetgeen voortkomt uit absoluut bewustzijn en tot stand gebracht is door middel van absolute intelligentie , niet anders dan volmaakt zijn  en is dit daardoor letterlijk gelijk aan God of God zelf.

Het systeem is God ,vanuit het concept van God bezien , als de in “materiële” zin,enige zichtbare en tastbare uitingsvorm van God voor de “onvolmaakte” mens.

God is in deze verschijningsvorm overal en alomtegenwoordig aanwezig in de “fysieke” wereld om ons heen, in alles dat niet tot de menselijke schepping behoort,

God als onzichtbare materie

Energy-Art


 

 

 

Een systeem is om te kunnen functioneren en om bestuurd en beheerd te kunnen worden ergens uit opgebouwd. Dit zijn de bouwstenen welke gehoorzamen aan de principes en haar wetmatigheden.  De volmaakte  bouwstenen in termen van het concept van God of een goddelijkheid of goddelijkheden zijn energie.

De wetmatigheden van God als systeem volgen de regels welke van toepassing zijn op energie in de ruimste zin van het woord.

Energie is de volmaakte materie.

De totale hoeveelheid energie in een systeem blijft altijd gelijk

Het is onmogelijk om energie te creëren (vermeerderen) en het is onmogelijk om energie te verminderen (vernietigen), het kan alleen van vorm veranderen.

Energie zelf, is onzichtbaar, alleen de werking en uitkomst van de werking van energie zijn zichtbaar, maar (de) energie zelf niet.

God als Het systeem is gebaseerd op energie en het systeem wordt geregeerd en bestuurd volgens wetmatigheden en principes van energie en de daaruit voortvloeiende principes.

Energie is een kracht welke is staat is een handeling of gebeurtenis plaats te laten vinden, het brengt veranderingen tot stand.

Energie kan ook omschreven worden als een systeem welke in staat is om warmte, beweging en licht te genereren.

 Letterlijk alles, zowel met betrekking tot hetgeen mensen geschapen hebben en zowel met betrekking tot hetgeen mensen niet geschapen hebben,  is terug te herleiden tot energie. Alles trilt op een bepaalde frequentie. Lage trillingsfrequenties of anders gezegd trillingen van dezelfde frequentie als het menselijk lichaam ervaart de mens als vaste materie.

Al hetgeen de mens is komen aantreffen komt uit energie voort en is hieruit opgebouwd , en keert terug naar deze staat, inclusief de mens. De mens heeft namelijk zichzelf niet geschapen of gecreëerd maar valt in zijn essentie ook onder hetgeen geschapen of gecreëerd is door een ander bewustzijn.

God als (is letterlijk) alles

space 1

 

 

 Er bestaat dus wel een entiteit of wezen welke voldoet aan het concept van God. Dit echter een niet zichtbare allesomvattende entiteit. Dit is geen man vrouw, mensachtig wezen of welk ander fysiek zichtbaar wezen dan ook, maar een onzichtbare (al) macht en alwetende overal aanwezige entiteit. Daar leidt logica heen.

Bewustzijn is niet zichtbaar, Intelligentie ook niet. Principes en wetmatigheden zijn niet zichtbaar net zoals energie niet zichtbaar is. Toch bestaan al deze dingen omdat de werking ervan en de uitkomsten van die werking zichtbaar zijn. In deze verschijningsvormen is God onzichtbaar

God is alleen zichtbaar als de werking van God als systeem , de schepping of creatie zelf,en  in die zin is God overal en in alles zichtbaar.

God is in letterlijke zin het systeem zelf en God is ook zelf in letterlijke zin de bouwstenen van het systeem, energie. God houdt zelf als wetmatigheden, uitmondend in God als principe(s), God als het systeem in stand.

God,als oorzaak,  is bewustzijn welke zich gewaar of bewust is van dit systeem, en God is ook letterlijk zelf de intelligentie welke de wetmatigheden en bouwstenen bedacht heeft om het systeem, zoals God het zich gewaar was en is, te scheppen in een – werkende – volmaakte vorm.

God is dus in letterlijke zin alles en God is in absolute zin de enige realiteit. Letterlijk alles is verder relatief en speelt zich af in het bewustzijn van God.

God is letterlijk het leven  zelf en God is hetgeen het leven in stand houdt, reguleert en bestuurd als een principe. God is tevens de oorzaak van leven.

God is de oorzaak van leven doordat God zich hiervan bewust is (geweest) en God is het leven zelf, de bouwstenen in de vorm van energie, welke leven in stand houd. God is het intellect welke het systeem bedacht heeft en God is het principe en haar wetmatigheden welke het systeem in stand houdt en regeert en bestuurd.

In absolute zin, dus vanuit God bezien, bestaat er alleen God, dat is de enige werkelijke realiteit. Dit geldt voor het absolute (het volmaakte) en het relatieve (het onvolmaakte). Alles, elke relatieve werkelijkheid, speelt zich in de absolute werkelijkheid af binnen het bewustzijn van god, ook onze relatieve werkelijkheid en alle andere werkelijkheden waar God zich van bewust is.

bewustzijnsverruiming\groei

bewustzijn.jpg 3

 

Dit is hetgeen dat mijn bewustzijn, na toepassing van intelligentie en openheid,  in zich opgenomen heeft met betrekking tot het concept van God of een godheid.

Er is (of moet ) een wezen (zijn) welke aan die definitie voldoet, dat komt voort uit logica (werkend intellect). Dit is echter geen menselijk wezen, geen man noch vrouw,  of een ander mensachtig wezen of welke ander fysiek wezen dan ook.

Dit is een onzichtbaar wezen, welke geen vorm heeft, die tegelijkertijd absoluut bewustzijn(alwetend), intelligentie in voltooide vorm (alle kennis in voltooide vorm omvattend), een volmaakt principe (om volmaaktheid te garanderen) en energie (het leven zelf) is.Dit onzichtbaar wezen of deze onzichtbare bestaansvorm is zelf de bouwsteen van alle leven.

Voor mij is er hierdoor sprake van, everything in it’s right place

 

Dit wezen neemt geen ruimte in beslag en kan niet aangewezen worden omdat het onzichtbaar is en overal tegelijkertijd is , dit wezen is  overal en alomtegenwoordig en is voor ons, op dit moment, alleen zichtbaar als systeem, de scheppingen of creaties , welke in diverse gradaties ‘fysieke’ uitingen zijn van de werking van dit wezen en tevens dit wezen zelf zijn. Dit wezen is het enige dat absoluut is en al het andere is relatief. Zowel de entiteit zelf in absolute zin, de enige echte werkelijkheid, en al het andere, de relatieve werkelijkheid, worden geregeerd door dit wezen als wetmatigheden uitmondend in principes.

God is een alomtegenwoordige, allesomvattende en alwetende , onzichtbare en objectieve aanwezigheid.

Dat is mijn concept van God of een goddelijk wezen voortkomend uit het feit dat alles een oorzaak heeft en de processen welke van toepassing zijn met betrekking tot creëren en scheppen.

 

ape-thinker_o_1533975

Ontsprongen in het noorden van het zuiden.

 

 

 

 

 

Scheppingsverhalen

de geestelijke vermogens en het verstand zijn alleen van nut als die in een open toestand functioneren
de geestelijke vermogens  zijn alleen van nut als de geest in een open toestand functioneert

The mind is like a parachute.It only functions as intended, and for us ,when in a fully open state.

God

God is een begrip, dit begrip staat voor volmaaktheid of een volmaakt wezen en alles wat automatisch (lees logischerwijs) uit volmaaktheid voortvloeit.

God staat ook voor de oorzaak van letterlijk alles.

God is ook een concept, meerdere ideeën en denkbeelden die aan elkaar gerelateerd zijn en die bestaan in het bewustzijn, een concept om onszelf en onze omgeving in de ruimste zin van het woord, in absolute zin te kunnen verklaren.

God is ook de eigennaam welke mensen hebben gegeven aan een volmaakt wezen of de soortnaam welke mensen hebben gegeven aan volmaakte wezens.

Ontstaan God

God, uit de scheppingsverhalen,  komt voort uit het bewustzijn van mensen en de behoefte om zichzelf en alles wat zij buiten zichzelf waarnemen in diepere zin te kunnen verklaren. Vragen als wie of wat de mens is? Als de mens meer is dan het fysieke lichaam of niet. Waar de mens vandaan komt en als de mens ook een ander doel en reden heeft naast de wereldse doelen. Wat het universum is. Als er daarin nog meer wezens zijn die vergelijkbaar zijn met mensen. Als er daarin nog meer bewoonde gebieden zijn. Verder is het ontstaan van god ook een poging om onrecht, wreedheid, lijden, ziekte, ongeluk, de dood, ongelijkheid enz, enz te verklaren en een plaats te geven.

Scheppingsverhalen

Mensen zijn tot de conclusie gekomen dat er een ander groter iets dan hen moet bestaan omdat zij zich bewust waren van zichzelf en hun omgeving, en zich afvroegen hoe het allemaal was ontstaan en wat het doel daarvan was. Mensen konden sommige zaken niet verklaren en die werden dan toegeschreven aan een ander wezen of wezens buiten de mens zelf, een god of goddelijke wezens. Mensen hadden daarnaast ook goddelijke wezens nodig vanwege hun menselijke angsten en onzekerheden.

de Bijbelse God
de Bijbelse God

Mensen ontwikkelden concepten met betrekking tot het (lees hun) godsbegrip, van hele simpele tot hele complexe. Dit zijn de scheppingsverhalen. Deze scheppingsverhalen, en met name de God of goden die daaruit naar voren kwamen zijn een integraal deel gaan uitmaken, of maakten deel uit van de samenleving (samenlevingen) en maatschappijen, dit zowel voor het bewustzijn ( het bestaande gedachtegoed) van die samenlevingen, en voor de samenleving in haar materiële manifestatie, de inrichting van de samenleving.

Scheppingsverhalen

slavernij van inheemsen door inheemsen (Azteken) - het offeren van een slaaf
Azteken offeren een slaaf  (lees ander mens) aan hun God, deze wilde dit , in hun beleving, volgens hun scheppingsverhaal

 

 

 

 

 

 

Er zijn en waren net zoveel scheppingsverhalen als er volkeren zijn of waren. De Azteken in het huidige Mexico hadden scheppingsverhalen , de oorspronkelijke bewoners van hetgeen nu noord Amerika is, de oorspronkelijke bewoners van Australië hadden dit, de Grieken en Romeinen uit de oudheid, mensen in Ghana hadden dit, het joodse volk, de Noormannen, mensen in India, enz, enz.

Al deze goden waren en zijn reëel omdat zij in het bewustzijn van die groepen mensen reëel zijn of waren. De mensen handelden in letterlijke zin naar hetgeen de in hun bewustzijn bestaande goden wensten. Daardoor is er, in relatieve zin echt sprake van een bestaande God, in materiële zin vinden er namelijk handelingen plaats omdat de God dat vindt of wil, daarom is die God reëel.

Azteken offerden mensen omdat dit hoorde bij hun scheppingsverhaal, hun god wilde dit volgens hun scheppingsverhaal en zij voerden dit ook feitelijk uit.

de mens als zondaar
de mens als (zelfbenoemde)  zondaar – christendom

Een christen gelooft ook dat hij of zij een zondaar is en spreekt ook op die wijze over zichzelf en gedraagt zich ook als zodanig, dat hoort bij hun scheppingsverhaal welke in hun bewustzijn als waarheid aanwezig is. Mensen leveren ook strijd met elkaar vanwege hun scheppingsverhaal, het is in hun belevingswereld een realiteit welke het waard is om ervoor te vechten en om anderen ervoor te doden.

Al deze scheppingsverhalen hebben of hadden hun eigen god of goden. Sommige van deze goden bestaan niet meer omdat die volkeren – en hun bijbehorend scheppingsverhaal – niet meer bestaan (uitgeroeid of uitgestorven) of omdat andere volken technologisch verder waren en die volkeren hebben overwonnen en overheerst. Die volkeren zijn dan bekeerd (vrijwillig of gedwongen) en door die bekering heeft hun oorspronkelijke God in hun bewustzijn plaatsgemaakt voor de God van de overwinnaar. In andere gevallen weer moest een god of goden om politieke redenen het veld ruimen voor een andere God. Een heerser veranderde dan om politieke redenen van geloof en zijn volk veranderde dan mee met hem of haar.

De goden van de scheppingsverhalen zijn echter allemaal voor hun macht en bestaan afhankelijk van hun volk. Als het volk er om wat voor reden niet meer is als zelfstandig volk dan verdwijnt ook hun scheppingsverhaal en daarmee de God of goden van het scheppingsverhaal en hun macht.

Deze goden zijn dus allemaal afhankelijke van hun volk voor hun bestaan en macht en daardoor relatieve goden. Van zichzelf bestaan zij niet en hebben zij geen macht, dit ontlenen zij allemaal van een volk. Een volk bepaald ook hoeveel macht een god heeft of goden hebben door het concept van hun scheppingsverhaal.

Scheppingsverhalen in absolute zin

Een absolute God (of goden) zou voor de macht die het bezit nergens van afhankelijk – moeten – zijn, het bezit die macht van zichzelf omdat het macht is. Een absolute God bestaat ook uit zichzelf en zou voor het bestaan van zichzelf nergens van afhankelijk moeten zijn. Een absolute God verdwijnt ook niet, die is namelijk de eeuwigheid zelf en kan dus niet verdwijnen of ophouden te bestaan.

Dit vloeit allemaal voort uit het concept van volmaaktheid welke letterlijk met betrekking tot elk facet van het scheppingsverhaal en de daarbij horende God of goden naar voren moet komen.

Bij de goden van de scheppingsverhalen is dit niet het geval, die voldoen niet aan de bovengenoemde criteria om voor volmaaktheid in aanmerking te komen. Hun bestaan is relatief omdat het afhankelijk is van factoren buiten zichzelf en het zelfde geldt voor hun macht. Dit is allemaal afhankelijk van een volk hun scheppingsverhaal en het bestaan van dat volk , of het bestaan van dat volk als een vrij volk.

De goden van de scheppingsverhalen zijn dus allen onvolmaakt en daardoor geldt dit automatisch ook voor het scheppingsverhaal van die God of goden.

Onvolmaaktheid kan namelijk geen volmaaktheid voortbrengen.

De goden van de scheppingsverhalen zijn daarom geen god of goden gerelateerd aan de absolute betekenis van het woord God.

Overleden goden

Mars - Romeinse God van de oorlog
Mars – Romeinse God van de oorlog, Overleden

Vele goden en hun scheppingsverhalen bestaan in letterlijke zin niet meer. Die bestaan alleen nog maar in figuurlijke zin omdat hun scheppingsverhalen eens geschreven en bedacht zijn. Omdat zij echter geen volgelingen meer hebben, hebben zij hun macht verloren, en door het verlies van hun macht ook hun bestaan, dat laatste hangt namelijk weer af van het hebben van volgelingen.

Die goden zijn dus eigenlijk dood, overleden, verdwenen of opgelost.

De huidige goden en hun scheppingsverhalen hun aanwezigheid komt niet voort uit hun superieure en volmaakte goddelijkheid, maar omdat de volkeren van die scheppingsverhalen waar zij bij hoorden, in technologische zin verder gevorderd waren tijdens hun ontmoeting van andere volkeren , of bloeddorstiger waren, of betere vechters waren, dan volkeren met andere scheppingsverhalen. De eersten hebben de laatsten overwonnen en hun gebieden veroverd. Daarom bestaan sommige scheppingsverhalen en hun goden of god nog steeds en om dezelfde reden bestaan andere scheppingsverhalen en hun bijbehorende God niet meer. De scheppingsverhalen welke nu in actieve zin van invloed zijn op aarde bestaan dus niet noodzakelijkerwijs omdat zij meer in overeenstemming zijn met hetgeen voortvloeit uit volmaaktheid dan de andere scheppingsverhalen van verdwenen of overwonnen volkeren.

Door de overwinning en verovering ( assimilatie) of uitroeiing van het ene volk door het anderen bestaan die goden en hun scheppingsverhalen nog en de andere goden en de daarbij horende scheppingsverhalen niet meer.

Ook dit is echter afhankelijkheid, ook in deze is de God echter – voor zijn of haar bestaan – en zijn of haar macht, afhankelijk van het resultaat welke zijn volk behaalt. Ook deze goden en hun scheppingsverhaal zijn dus ondanks dat zij nog bestaan en ondanks hun “macht” relatief en daardoor onvolmaakt, en daardoor geen God in de absolute zin van de betekenis van het woord.

De scheppingsverhalen zijn niet afkomstig van hetgeen in absolute zin verstaan wordt onder het woord God en de goden van de scheppingsverhalen voldoen niet aan de criteria om als God of een God, naar de absolute betekenis van dat woord aangemerkt te worden.

Een absolute God is namelijk volledig onafhankelijk van alle andere zaken voor zowel zijn of haar bestaan , en voor zowel zijn of haar macht. Een absolute God kan ook niet ophouden te bestaan omdat een absolute God eeuwig is. Dit vloeit allemaal voort uit absolute volmaaktheid.

De scheppingsverhalen kunnen dus niet aangemerkt worden als absolute waarheid en vallen daardoor onder spirituele dwaling of relatieve waarheid.

De gehele hedendaagse maatschappij heeft desondanks, toch dit, zowel in het verleden als in het heden, de scheppingsverhalen en de daarbij horende god of goden, als een van haar grondvesten van ordening van de samenleving.

Onze samenlevingen is dus niet gegrondvest op waarheid maar op spirituele dwaling. In mijn geval de dwaling van het christendom als religie , maar dit geldt op dezelfde wijze ook voor de andere religiën of geloofsovertuigingen en hun scheppingsverhalen indien er sprake is van een afhankelijke god of afhankelijke goden.

Miljarden aardbewoners (lees mensen) hebben echter hun gehele fysieke  bestaan of grote delen daarvan ingericht volgens deze leidraad en houden dit aan voor spirituele waarheid.

Maar zodra er sprake is van een afhankelijke God (in termen van bestaan en macht), is er sprake van (spirituele) dwaling en is deze god of zijn deze goden niet gelijk aan de betekenis van het woord God.

De mensheid is vanuit de geest bezien in grote lijnen dus dwalend omdat dwaling aangehouden wordt als waarheid. Een zelfverzonnen God , en in absolute zin niet bestaande God, wordt beschouwd als hetgeen waar het concept van God in absolute zin voor staat.

 

OIU
Question everyting !!!! Always

Question everything until there are no more questions left to ask. What will remanin is truth, as in the truth.

 

 

  • Gedachten vanuit het Noorden van het Zuiden –

Het woord van God, de Bijbel – Bijbelstudie

Het woord van God, de Bijbel (oude testament)

de bijbel "gods woord"
de bijbel “gods woord”

 

 

 

 

 

 

Bijbelstudie

Volgens het christendom is er een God en de Bijbel (in deze doelend op het oude testament) is zijn exclusieve woord en zijn exclusieve boodschap aan de mensheid. Het woord van God is de bijbel en het woord van God staat alleen in de bijbel aangegeven, dat vinden christenen.

Alle christelijke Bijbelstudies bevestigen dit, studies door gewone christenen, studiegroepen,   en studies door deskundigen met betrekking tot God , de godsgeleerden (theologen).

studie of onderzoek

Een echte studie , gericht op het achterhalen van de waarheid ongeacht de uitkomst hiervan , is het aan de hand van logische wetmatigheden, open en objectief,  onderzoeken van een onderwerp of een concept. Hetgeen dan als antwoord naar voren komt als antwoord is waar.

Een echte studie kent ook geen grenzen en uitsluitingen van concepten of ideeën aangaande het denken. Het antwoord kan namelijk in principe overal zijn, dus ook buiten vastgestelde onderwerpsgrenzen.

Een studie welke binnen grenzen moet blijven of een studie waarbij sommige antwoorden van te voren al als  onacceptabel gelden of van te voren uitgesloten, foutief  of verboden zijn is geen studie. Een studie waarbij het antwoord al voor aanvang van de studie vaststaat is evenmin een studie omdat dit niet objectief is en uiteindelijk onlogisch zal zijn. Een studie moet gericht zijn op het vinden van antwoorden of het antwoord, wat dit antwoord ook mag zijn. Ook al is dit antwoord confronterend, schokkend, onprettig  of vervelend.

Studies zoals hierboven genoemd leiden niet naar het antwoord ,wat dit ook mag zijn, of waarheid maar zijn de inleiding tot dwaling en uiteindelijk dwaling zelf.

Bijbelstudie

Aan de hand van informatie uit de Bijbel zelf(het oude testament), dus niet afkomstig van externe bronnen, komt na een echte (bijbel) studie , dus gericht op het achterhalen van de objectieve waarheid aan de hand van logische wetmatigheden, echter niet naar voren dat de Bijbel , zoals de christenen dit interpreteren en uitdragen, het woord is van God of van een goddelijk wezen, dus ook niet het exclusieve woord van God of een goddelijk wezen.

Als de bijbel aan de hand van logische wetmatigheden en op een open en objectieve benaderd wordt komt niet naar voren dat dit het exclusieve woord van God is ,of het woord van een godheid is.

De logica (werkend intellect) volgend komt met betrekking tot het oude testament een heel ander antwoord naar voren met betrekking tot de Bijbel en wiens woord het is.

The thinker
De denker – werkend intellect

Het intellect , welke logica toepast, is  overigens volgens de Bijbel,  ook afkomstig van God, aangezien God alles , buiten de uitvindingen van de mens zelf , gemaakt heeft.

Het aanwenden van het intellect (lees het toepassen van logica), zou dus in lijn moeten zijn met God zijn wensen.

Wat is anders de zin van het beschikken over intellect.

 

Het woord van god

Hoe weet men dat de Bijbel het woord van God is? 

Het objectieve antwoord is omdat dit in de Bijbel staat – opgeschreven – . Dat is het objectieve bewijs.

Heeft God of een Godheid dit zelf opgeschreven in een boek met de naam de Bijbel.

Het antwoord hierop is zowel ja als nee.

nee als antwoord:

God heeft het niet persoonlijk, dus eigenhandig via een fysiek eigen lichaam geschreven, in die zin is het antwoord nee.

Ja als antwoord:

Maar ondanks het bovenstaande heeft God uitgaande van hetgeen de bijbel aangeeft  toch de bijbel zelf geschreven. Door God geïnspireerde fysieke mensen hebben namelijk opgeschreven dat de Bijbel het woord van God is.

God heeft dus het bewustzijn van die mensen of overgenomen of heeft deze gepenetreerd en gedachten, en woorden en zinnen voortkomend uit zijn eigen bewustzijn, via het  fysieke lichaam van mensen opgeschreven in een boek met als naam de Bijbel.

Alleen dan is er sprake van inspiratie door een goddelijk wezen, in alle andere gevallen is er slechts sprake van eigen gedachten en meningen van de schrijver(s) zelf.

Om van goddelijke inspiratie te spreken moet er namelijk een vorm van contact of eenwording of vermenging zijn, tussen het bewustzijn van de schrijver en het bewustzijn van het goddelijk wezen anders is er geen sprake van inspiratie door een goddelijk wezen maar nogmaals, slechts van gedachten en beweringen van de schrijver(s) zelf als een onafhankelijk individu.

Het uiteindelijk goede antwoord, voortkomend uit Bijbel en naar aanleiding van hetgeen inspiratie betekend , is dat God de Bijbel in feite, via door God geïnspireerde mensen, uiteindelijk toch zelf geschreven heeft.

Hoe weet men dat de schrijvers van het woord van God, de Bijbel, geïnspireerd waren door God of een goddelijk wezen.

Voortkomend uit de Bijbel is het antwoord; omdat dit in de Bijbel staat – opgeschreven -. Een ander objectief bewijs is er niet.

Met andere woorden, de schrijvers van het oude testament hebben zelf opgeschreven dat zij tijdens het schrijven geïnspireerd waren door God. Zij beweren dat dus zelf, over zichzelf, door dit op te schrijven.

Dit is een voorbeeld daarvan uit de Bijbel, het woord van God;

2 Timoteüs 3:16 – Alles wat God daarin (lees – de bijbel)  heeft laten opschrijven, is nuttig. Het kan de mensen iets leren, hen beschermen tegen verkeerd onderwijs over het geloof en hen opvoeden tot een leven zoals God het wil.

Paulus de apostel -
Paulus de apostel –

Paulus schrijft in een brief aan Timoteüs, dat God hetgeen in de bijbel staat ,heeft laten opschrijven, of anders gezegd Paulus beweerd zelf dat zijn schrijven (of het bijbels schrijven) is bewerkstelligd door God, of nog anders  gezegd Paulus beweerd zelf dat hij en de andere schrijvers onder invloed van god de Bijbelse teksten geschreven hebben.

Paulus geeft in zijn schrijven aan Timoteüs nergens aan waarom , uit de praktijk of via een sluitende theorie, zijn bewering juist en waar is. Hij beweert het alleen , maar een onderbouwing welke deze bewering in absolute zin waar maakt ontbreekt.

Het bewijs komt dus allen voort uit het feit dat hij, Paulus, dit beweerd, door dit op te schrijven.

Een ander bewijs van geïnspireerdheid door God, een God of godheid of een goddelijk wezen, buiten de beweringen van de schrijvers dat dit geval is, is er niet. Er zijn alleen maar hun eigen beweringen dat god hetgeen in de bijbel staat heeft laten opschrijven (via hun), of anders gezegd , dat er sprake is van geïnspireerdheid door God, een god, of een goddelijk wezen, beweren de schrijvers zelf door dit in die bewoordingen op te schrijven.

De bewering dat de bijbel het woord van God is, is volledig hierop gebaseerd.

De bijbel (oude testament) , het woord van – joodse mannelijke – mensen

De geïnspireerdheid van de schrijvers van de Bijbel door God blijkt dus alleen omdat de schrijvers dit hebben opgeschreven, of anders gezegd omdat zij die woorden zelf hebben opgeschreven waardoor wij het terug hebben kunnen lezen.

Dat de Bijbel Gods woord is of zou zijn is dus alleen, het geval, omdat de schrijvers van het oude testament dit hebben opgeschreven en de christenen dit hebben opgenomen in hun heilig boek met de naam, de Bijbel.

Als de bijbel Gods woord is moet logica (werkende intelligentie) ook daarheen leiden. Ook niet christenen zouden in objectieve zin tot die conclusie moeten komen. Als met betrekking tot dit onderwerp echter logica wordt toegepast komt naar voren dat het woord van God in feite het woord van mensen, in deze joodse mannen, is. Nergens is er op basis van logica een verband met een god, god of een goddelijk wezen, buiten de bewering van de schrijvers zelf.

De Bijbel is daardoor en daarom in objectieve zin, niet het woord van God, maar de Bijbel is het woord van de schrijvers van de Bijbel of anders gezegd , de bijbel is wat de schrijvers vinden met betrekking tot het concept van God, een God , de schepping of een goddelijk wezen.

De Bijbel is dus het woord van de schrijvers van het oude testament en niet het woord van God omdat het bewijs van geïnspireerdheid tijdens het schrijven alleen is gebaseerd op het feit dat de schrijvers dit zelf hebben opgeschreven of anders gezegd , zelf beweren met betrekking tot hetgeen zij hebben opgeschreven.

De Bijbel (het oude testament) geeft dus de mening en gedachten, met betrekking tot het menselijk concept van een goddelijk (lees volmaakt ) wezen en alles wat daarmee samenhangt aan, van joodse schrijvers (lees mensen) van ruim tweeduizend jaar terug.

religieuze joodse schrijver
religieuze joodse schrijver

De bijbel is dus niet het woord van god, maar de gedachten, meningen en bespiegelingen met betrekking tot, onder andere een god of een goddelijk wezen , volgens joodse schrijvers .

Omdat deze schrijvers geen goden waren is het oude testament ook mede hierom, dus niet Gods woord.

Waarom vinden christenen dan toch , ondanks hetgeen na toepassing van gezond verstand naar voren komt, dat de bijbel Gods exclusieve woord is? Antwoord:omdat het in de bijbel staat.

De logische uitkomst van het niet gebruiken van het gezond verstand.

uitkomst Bijbelstudie

Er is nergens in de Bijbel (oude testament) , gebaseerd op de bijbel zelf, sprake van een (sluitende) theoretische onderbouwing , inclusief op logica gebaseerde wetmatigheden, waarom hetgeen de schrijvers beweren waar is. De bijbel als Gods woord is alleen waar indien er op subjectieve wijze mee omgegaan word.

Gods woord kan echter niet afhangen van subjectiviteit, het moet in objectieve zin waar zijn. Het moet altijd en overal voor een ieder, zodra gezond verstand (werkend intellect) wordt toegepast leiden naar hetgeen verstaan wordt onder het concept God, namelijk een letterlijk in alles absoluut volmaakt wezen. Zo zouden woorden van – een – God herkend moeten worden als afkomstig van (een) God.

In het geval van het oude testament leidt de oorsprong van het woord van god naar mannelijke joodse schrijvers van tweeduizend jaar terug en hun visie op het concept God en niet naar een Goddelijk wezen. Het verband tussen de joodse schrijvers en God blijkt buiten hun eigen beweringen dat dit het geval is , in objectieve zin, nergens uit. De verklaring dat dit Gods woord is komt dus niet voort uit weten , of anders gezegd ,het aanwenden van het intellect, toch ook een eigenschap van goden of God,  leidt niet tot de conclusie dat de bijbel het woord van God, laat staan het exclusieve woord van God is.

Hetgeen overblijft is dat het oude testament een joods scheppingsverhaal is , zoals alle volkeren scheppingsverhalen hebben of hadden. Een poging van mensen om , in spirituele zin, zichzelf en hun omgeving , te verklaren.

Waarheid omtrent God, of de exclusieve waarheid omtrent God is het, gerelateerd aan hetgeen onder het concept van God verstaan wordt  ,echter niet.

De uitkomst van een echte Bijbelstudie , open, objectief en aan de hand van logica, leidt niet daarheen ,maar alleen naar mannelijke joodse schrijvers van meer dan tweeduizend jaar terug , en hun eigen idee over God, een goddelijk wezen en de daarbij behorende schepping en stopt daar.

Het oude testament is in letterlijke zin dus niet het woord van God of het exclusieve woord van God of een godheid.

Dit betekend niet automatisch dat er in de bijbel (het oude testament) geen woorden verwijzend naar (een) spirituele waarheid staan. Die staan echter ook in andere boeken en geschriften en die zijn ook buiten boeken en geschriften te vinden.

Om dat echter te kunnen bepalen moet kennis met betrekking tot het spirituele, of het leven , of de dood of de mens of God bekend zijn, dit leidt allemaal tot (dezelfde spirituele) waarheid.

Het christendom en de bijbel (oude testament ) zoals dat echter uitgelegd , beleden , begrepen en doorgegeven wordt leidt echter niet naar of tot God, of een Goddelijk wezen ,maar naar hetgeen joodse mannen (de schrijvers) van meer dan tweeduizend jaar terug hieromtrent vonden.

Hetgeen zij vonden is echter nergens voorzien van een objectieve en sluitende onderbouwing waarom dit het woord van God is.

Dat is hetgeen logische wetmatigheden naar voren brengen.

 

Gedachten uit het noorden van het zuiden.

Question everything until there are no more questions left. what remains is truth, as in the truth.

The secrets of the universe
The secrets of the universe

Volmaakt Bewustzijn

 God

Ons leven zou niet anders zijn als alleen onze naam, uitgezonderd alle andere gebeurtenissen , anders was geweest. In absolute zin is een naam slechts een naam, gerelateerd aan absolute waarheid heeft het verder geen betekenis.

De naam God is slechts een naam welke gegeven is aan het concept van volmaaktheid of anders gezegd aan een conceptueel wezen van volmaaktheid. Elke andere naam was en is in principe ook acceptabel. Het gaat namelijk niet om de naam maar de aard van het wezen achter de naam, omdat het volmaakte staat voor God zal ook echter verder die benaming gebruiken.

Het wezen God, (voor mij) ,de intelligentie, achter de scheppingen en creaties waarvan de mens , inclusief de mens zelf, niet de oorzaak is, zou een in absolute zin volmaakt wezen moeten zijn.

God zou dus in absolute zin het tegendeel – moeten – zijn van hetgeen mensen zijn.

Godsdiensten

De God (of goden) van de huidige godsdiensten, zowel de groten en de kleinen, de bekenden en minder bekenden en de niet meer bestanden,  heeft gebaseerd op het concept van God of een Godheid, en gerelateerd aan de (scheppings)verhalen van de respectievelijke religiën,  kwaliteiten die als absoluut en volmaakt aangemerkt kunnen worden.

hg
Thinker

De goden van alle scheppingsverhalen hebben echter ook veel eigenschappen , of vertonen handelingen en gedrag , die als absoluut onvolmaakt aangemerkt dienen te worden.

Dit is strijdig met het concept van God een Godheid of goden, deze wezens moeten , of dit wezen moet, in absolute zin volmaakt zijn.

Vanwege duidelijke onvolmaaktheden zijn deze goden , die van de aan ons bekende scheppingsverhalen, geen God ,in de zin van het concept van een godheid, namelijk een in absolute zin volmaakt wezen.

Met andere woorden de Goden van de scheppingsverhalen, en alle andere soortgelijke verhalen gerelateerd aan scheppingen , zijn geen God, bezien vanuit het concept van een godheid.

Atheïsme

atheisme-nNa voorgaande vaststelling , zou het atheïsme de logische volgende stap moeten zijn.

Het afstand nemen van het bestaan van een wezen welke voldoet aan het concept van God, Goden of een godheid.

Het ontkennen van God staat gelijk aan atheïsme en dat zou gebaseerd op de ons bekende concepten van God en de daarbij horende scheppingsverhalen en andere soortgelijke verhalen , zowel vanuit het heden als het verleden juist zijn. Die goden zijn gerelateerd aan het concept van God of een godheid, namelijk een in absolute zin volmaakt wezen, geen God.

Er kunnen echter ook andere goden, of een andere God  of andere concepten van God zijn waarmee mensen nog niet bekend zijn omdat het bewustzijn dat nog niet kan omvatten of bevatten. Die  kunnen logischerwijs dan (nog) niet ontkend worden, omdat ze daarvoor eerst gekend en bekend moeten zijn of worden als concept van God of God.

Dat is hetgeen dat de atheïst nu namelijk ontkend. Het concept van God of goden volgens scheppingsverhalen welke aan ons bekend zijn, maar dit zijn echter geen concepten van God of Goden omdat de concepten onvolmaakt zijn en dus geen betrekking kunnen hebben op een mogelijke ‘feitelijk’ bestaande God.

De atheïst ontkend dus niet het bestaan van God want hetgeen de atheïst ontkend is geen God volgens het concept van een Godheid.

De atheïst ontkend de bestaande en vroegere concepten van God of goden welke verwijzen naar een Godheid (Goden) en goddelijkheid, maar deze concepten verwijzen niet naar een goddelijk wezen en dus niet naar de (een) ,mogelijk wel degelijk bestaande God of Goden.

Atheïsme ontkend dus iets wat niet bestaand is, dat hoeft echter niet ,vanuit logica bezien, ontkend te worden , omdat, het reeds niet bestaand is.

De ontkenning is daarnaast ,echter ook vanuit pure wetmatigheden van logica beredeneerd om andere reden, onmogelijk vol te houden. Het aanwezig zijn van andere scheppingen en creaties dan die van mensen, maakt het zeer waarschijnlijk dat er een andere intelligentie , buiten de mens, bestaat omdat scheppingen en creaties intelligentie als grondoorzaak veronderstellen. Naast de scheppingen en creaties van mensen is er ook sprake van scheppingen creaties die niet de menselijke intelligentie  als (grond)oorzaak hebben.

Het belijden of aanhangen van een atheïstisch gedachtegoed (concept) wordt dan vanuit het gezond verstand (werkend intellect) bezien onmogelijk en onlogisch. Het is dan op precies dezelfde wijze onlogisch om dat als waar aan te nemen, als dat dit het geval is met religie zoals op dit moment in het bewustzijn van de meerderheid voorkomt.Beide concepten negeren hetgeen logica aangeeft.

Religieuze instituten

hg
Sint Pieterskerk te Rome (voorbeeld van een religieus instituut)

De huidige, en in het aan ons bekende verleden, aangereikte concepten van het wezen God, ( goden of een godheid) door allerlei godsdiensten (en hun instituten) , zijn ontoereikend om de intelligentie , het wezen achter niet menselijke scheppingen, te omschrijven, beschrijven en te omvatten.

Uit de aangereikte concepten komt namelijk ook onvolmaaktheid naar voren en dat is onverenigbaar met het concept van volmaaktheid waar God of een Godheid aan moet voldoen.

Dit wezen of deze intelligentie , welke moet bestaan omdat er naast menselijke creaties ook andere creaties bestaan, moet dan bestaan buiten de concepten van god, een godheid, of goden welke de  godsdiensten en andere soortgelijke diensten aanreiken, aanreikten  en als – enige – waarheid omtrent een goddelijk wezen verkondigen.

De God of Godheid van deze (gods)diensten ,is namelijk gebaseerd op het concept van God, geen goddelijk wezen, zijnde een absoluut volmaakte entiteit.

De (andere) intelligentie moet dan bestaan en te omvatten en te bevatten zijn buiten deze concepten van God, een godheid of goden waarmee de mens bekend is of was in het aan ons bekende verleden.

Of anders gezegd onze concepten van een ander intelligent wezen (lees God) buiten de mens zijn ontoereikend, maar dat betekend daardoor niet automatisch dat dit wezen niet bestaat.

Dat mensen dachten dat de aarde plat was betekend niet dat ook inderdaad plat was. Dat mensen dachten dat de aarde het centrale punt was in ons zonnestelsel en niet de zon, betekend niet dat het ondanks die gedachten, toch , ook destijds niet ,de zon was welke het centrale punt was. Dit was ondanks de gedachten/concepten destijds wel degelijk het geval.

cross

De Godsdiensten in ruime zin, en hun concepten en scheppingsverhalen omtrent God, verhinderen juist om de God, gebaseerd op het concept van God, een in absolute zin volmaakt wezen, werkelijk te vinden, te kunnen bevatten, te kunnen ontdekken en te leren kennen.

Deze godsdiensten opereren namelijk binnen bepaalde vastgestelde rigide grenzen van een bepaald vaststaand concept met betrekking tot God, welke kijkend naar het concept onvolmaakt is. De God of godheid van het concept God, waarbij dit staat voor een in absolute zin volmaakt wezen, zal via deze route nooit gekend en bekend worden. Het concept van God, van de godsdiensten in de ruime zin van het woord, sluit dit automatisch uit omdat deze het grenzeloze in een begrensd concept heeft gegoten.

Het onvolmaakte wordt door geestelijke instituten maar ook door andere kleinere groepen welke een godsdienst belijden, gepresenteerd als volmaakt terwijl het onvolmaakt is, waardoor werkelijke volmaaktheid verborgen blijft en zal blijven. Onvolmaaktheid kan namelijk geen volmaaktheid voortbrengen, openbaren en onthullen. Zolang dus Godsdiensten in de ruime zin van het woord, vanuit en binnen vastgestelde begrenzingen godsdienst belijden , zal de andere intelligentie (lees God voor het gemak) niet in bewuste zin gevonden en gekend worden.

De concepten van het atheïsme welke voor een deel hun grond vinden in de wetenschap ,vallen in deze ook onder de noemer godsdienst ondanks dat ze dat niet zijn. Het betreft namelijk echter ook een onlogisch concept,precies als de concepten van godsdiensten, welke uitspraken doen met betrekking tot God of Goden.

Een andere ,niet menselijke, intelligentie moet echter bestaan ,omdat er andere creaties en scheppingen bestaan, die niet door mensen bedacht en vervaardigd zijn en omdat er achter scheppingen en creaties altijd intelligentie schuilgaat. Ons bewustzijn kan het concept daarvan echter nog niet bevatten en omvatten.

Bewust zijn van God (lees volmaaktheid)

OIU
the searcher

Om God te vinden en te ontdekken zal gedacht en gehandeld moeten worden zoals God , het andere scheppende en creërende wezen, zelf denkt en handelt, met andere woorden men zal zich moeten (proberen te) verplaatsen in een , in absolute zin volmaakt wezen, een volmaakte intelligentie, een volmaakt bewustzijn. Of nog anders gezegd men zal in zijn eigen bewustzijn, een eenheid met het concept God, als een in absolute zin volmaakt wezen, tot stand moeten brengen. Of nog anders gezegd men zal zich werkelijk bewust moeten worden wat volmaaktheid werkelijk betekend en inhoud als concept, inclusief alle daarbij horende consequenties.

Het absolute moet benaderd worden vanuit het absolute , dus vanuit volmaakte gedachten, bewustzijn en intelligentie, om dit te kunnen doorgronden en te bevatten.

Dit is niet onmogelijk , omdat de mens over voorstellingsvermogen, verbeeldingskracht en intelligentie beschikt. De mens is daarnaast ook in letterlijke zin bekend met het onvolmaakte (in zijn eigen leven) en daardoor in abstracte zin automatisch ook met de tegenstelling hiervan, het volmaakte als concept. De mens kan zich hier dan ook, indien de mens dit wenst,  een voorstelling van maken.

Deze benadering is noodzakelijk omdat vanuit het relatieve (het onvolmaakte)  , het huidige mens-zijn, het absolute (volmaakte wezen) nimmer onthuld , bekend en gekend zal kunnen worden. Het relatieve kan het absolute niet kennen , bevatten of omvatten tenzij het zich los maakt van relatieve concepten en zich openstelt voor het absolute. Het relatieve kent begrenzingen en het absolute is per definitie onbegrensd. Het relatieve kan het absolute daardoor niet omvatten (en bevatten) en kennen.

waarheid

Om waarheid in deze context te ontdekken en als zodanig te herkennen, moet het bewustzijn in abstracte zin ook het absolute als concept in het eigen bewustzijn als vertrekpunt hebben.  Het absolute ,waarbij dit gelijk staat aan volmaaktheid  en objectief is  en voldoet aan de logische wetmatigheden welke voortkomen uit intelligentie, waarbij er geen strijdigheid optreed met het concept van God, een godheid of goden.

Gedachten vanuit het noorden van het zuiden.

 

jgg
travellers

Longriders – on the move – the journey continues

 

Longrider


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Longrider

God?

Bestaat er een goddelijk wezen?

Menselijke scheppingen of creaties hebben allemaal een intelligente oorzaak (veroorzaker), de mens zelf. Naast menselijke scheppingen\creaties is er echter ook sprake van scheppingen en creaties waarvan de mens niet de oorzaak is. Dit zijn de scheppingen welke de mens is komen aantreffen. Deze zouden dan,logischerwijs bezien,  ook intelligentie als oorzaak moeten hebben omdat dit bij alle menselijke scheppingen het geval is. Omdat dit bij alle (menselijke) scheppingen\creaties het geval is, is er sprake van een principe of een steeds terugkerende wetmatigheid.

Logisch bezien moet er een dergelijk wezen (God of Godheid) bestaan, omdat elke schepping een intelligente oorzaak heeft, dus dan ook de niet menselijke scheppingen en creaties. Dit is nogmaals hetgeen mensen zijn komen aantreffen en dat reeds bestond voor de mens of ontstaat tijdens de aanwezigheid van mensen , waar zij echter niet de veroorzaker van zijn.

brain-imageGeen enkele menselijke schepping is uit zichzelf (lees toevallig) ontstaan maar heeft menselijke intelligentie als grondoorzaak. Het is dan onlogisch om vervolgens te veronderstellen, dat niet menselijke scheppingen of creaties, hetgeen wij als mens zijn komen aantreffen, dat niet hebben, of anders gezegd niet intelligentie als oorzaak hebben.

Intelligentie waar mensen over beschikken, verzet zich tegen een dergelijke stelling omdat dit juist, vanwege het ontbreken van logica,  niet getuigd van intelligentie . Intelligentie volgt altijd logica. De kunst is ,om de altijd aanwezige logica, in absolute zin te ontdekken met betrekking tot een respectievelijk onderwerp.

Het is onlogisch om te veronderstellen dat wanneer vaststaat dat (alle menselijke) scheppingen het gevolg zijn van toepassen van intelligentie, om dan ervan uit te gaan dat alle andere scheppingen of creaties (die welke de mens is komen aantreffen en waarvan de mens niet de oorzaak is), het gevolg zijn van toeval en niet van intelligentie.

Als menselijke scheppingen of creaties voortkomen uit intelligentie dan geldt dat ook voor niet menselijke scheppingen. Dat is een logischere veronderstelling dan het omgekeerde.

Menselijke creaties of scheppingen

vgf
menselijke schepping

Kan een auto bijvoorbeeld, vanaf het verkrijgen van de grondstoffen voor het vervaardigen van een autoband, en letterlijk alle processen daartussenin (inclusief ook het verkrijgen van alle daarvoor benodigde grondstoffen), tot uiteindelijk een complete en functionerende auto , toevallig ontstaan?

Dat al hetgeen dat daarvoor nodig is, bekend is, verzameld wordt , en vervolgens gevormd en  geconstrueerd word, zodanig dat het eindresultaat een volledig functionerende auto is, kan alleen tot stand komen door middel van intelligentie dat kan niet toevallig ontstaan. Al de grondstoffen die aan de orde zijn om tot een functionerende auto te geraken zullen niet uit zichzelf ontstaan, dan samenkomen, zichzelf passend vormen , en dan geordend  samenvoegen, alleen bewustzijn die intelligentie toepast kan dit bewerkstelligen.

suriname - een prachtig land - keep it that way
Niet menselijke schepping

 

 

 

 

 

 

 

 

Niet menselijke scheppingen of creaties

Waarom zou achter een melkwegstelsel haar ontstaan en haar werking, of achter het proces van bijvoorbeeld fotosynthese of de koolstofkringloop dan geen intelligentie schuilgaan als bedenker en instandhouder van systemen en principes, waardoor deze creaties \scheppingen (systemen) konden ontstaan (of niet ontstaan in hun huidige vorm). Dit zijn veel complexere , verreikende en diepgaandere processen dan het tot stand komen van een auto, maar die zouden dan toevallig ontstaan zijn. Dat is opnieuw, een onlogische gedachte.

Veel waarschijnlijker is het dat ook achter niet menselijke scheppingen of creaties een intelligentie, een  intelligente wens ,wil ,wezen, aanwezigheid of schepper als grondoorzaak schuilgaat. Het betreft dan wel intelligentie welke functioneert op een ander niveau van bewustzijn dan de mens, hetgeen gelet op de aard , omvang en diepgang van de scheppingen van beiden.

Dit wezen zou dan, als grondoorzaak van alle niet door mensen geschapen of gecreëerde dingen,  ook de grondoorzaak zijn van mijzelf als mens.

lad
lichaam & geest

Het maakt voor de vaststelling van dit wezen in deze niet uit, hoe men de mens wil beschouwen , alleen als lichaam, als lichaam en geest of alleen geest, er gaat een intelligente oorzaak achter die beschouwing schuil.

Het maakt ook niet uit hoe men dit wezen wenst te noemen, met een specifieke eigennaam, met de soortnaam als eigennaam (de enige – ware – god), of met de soortnaam een godheid , het gaat erom als dit wezen bestaat of niet bestaat en uitgaande van logica moet een dergelijk wezen bestaan.

Het feit dat er  scheppingen of creaties bestaan waarvan de mens niet de oorzaak is wijst erop dat er , buiten de mens, een ander scheppend wezen of wezens bestaan omdat scheppingen en creaties ,intelligent bewustzijn als (grond) oorzaak hebben. Onze eigen creaties en scheppingen als mens zijn daar het bewijs van.

Longriders

Voor mij is het concept van God of een goddelijk wezen, of goddelijke wezens,  gebaseerd op het bovenstaande en in algemene zin  , geen zinloos concept. Het bestaan van niet menselijke intelligentie  is , voortkomend uit logica, voor mij waarheid. Dat concept moet in absolute zin alleen geformuleerd en gedefinieerd worden om vast te stellen wie of wat God is. Tijdens de vaststelling daarvan is er ook automatisch sprake van vaststelling en definiëring van al het andere omdat deze allen (lees alle andere dingen)dit wezen als grondoorzaak hebben.

Mijn innerlijke beleving van de mens als (een)  Longrider is ontstaan gedurende bovenstaand bewustzijnsproces en de  speurtocht of the long ride naar mijn wortels (of onze wortels) neemt vanaf dit punt pas werkelijke een aanvang.

Longriders

Longriders

 

 

 

 

 

 

 

2 + 2 = 5

Welkom (Waarheid),

Dit blog vanuit Suriname is een weergave van gedachten aanwezig in mijn bewustzijn. Een daarvan betreft  gedachten aangaande mijn (werkelijke) wortels als mens.

De gedachten en antwoorden van eerdere of andere speurders ,of de volgelingen van die speurders, die zijn en worden aangereikt ,zijn ,als ik aan de hand van logische wetmatigheden deze overweeg , onjuist en niet waar. De (mijn) speurtocht betreft andere wortels , dan die welke het christendom , in mijn geval, (of andere – huidige – religiën), of andere – ideologische – concepten,  mij proberen voor te houden.

De speurtocht betreft hetgeen in absolute zin waar is met betrekking tot mijn zelf.

vf
vf

Wat is waar en wat is niet waar?

De  speurtocht kan eindigen bij dit, (het) fysieke – menselijke – lichaam, of voorbij dit punt – in bewustzijn – gaan. Een van deze twee moet waar zijn. Of wij zijn het lichaam of wij zijn de bewoners van het lichaam. Wat waar is zal bepaald moeten worden door het toepassen van logische wetmatigheden op materiële onderwerpen en abstracte onderwerpen. 

De logische wetmatigheden moeten dan alleen maar gevolgd worden naar dat waarheen zij leiden, om hetgeen te vinden wat in absolute zin waar is, ongeacht wat dit is en ongeacht de implicaties van hetgeen, dat als waar naar voren komt of is gekomen.

Waarheid

Het gaat mij niet om de waarheid want dit is altijd een relatieve waarheid, afhankelijk van iets anders waar het zijn waarheid aan ontleend en waar het dus van afhankelijk is.Het gaat mij om waarheid, dat wat zichzelf aan de hand van logische wetmatigheden aandient als waar en daardoor in absolute zin waar is.

Waarheid moet aan de hand van logische wetmatigheden in het bewustzijn, vanzelf  als waar naar voren komen.  Dit kan alleen aan de hand van vrij en onbegrensd, objectief  denken, gebaseerd op wetmatigheden van logica,  omdat absolute waarheid alleen op die manier gevonden kan worden.

waarheid
waarheid

Onvrijheid (Onvrij denken), begrenzing door derden ,   heeft geen waarheid – in absolute zin- tot gevolg ,omdat onvrijheid logische vragen zal onderdrukken. Deze waarheden zijn (af)gedwongen  waarheden en daardoor relatieve waarheden.

Begrensdheid (zelfverkozen onvrijheid) zal eveneens niet tot waarheid in absolute zin leiden. Grenzen mogen dan namelijk niet overschreden worden waardoor logische vragen die gesteld moeten worden niet gesteld of vermeden zullen worden. Deze waarheden komen geforceerd tot stand vanwege de begrenzing welke waarheid in een bepaalde onlogische richting forceert.

Objectiviteit is eveneens een vereiste om waarheid te vinden omdat er anders begrenzing (vanwege voorkeuren of antipathieën) zal optreden.

Waarheid hoeft niet speciaal (in eerste instantie) ,in fysieke\materiële\werkende  zin aangetoond te worden om waar te zijn. Als een concept – in abstracte zin – sluitend is, dus in theorie , gebaseerd op logica, volledig waar is, is dit ook waarheid in absolute zin.

De huidige (zogenaamde absolute) waarheden, zowel de spirituele (geestelijke) , misschien het boeddhisme en sommige concepten van het hindoeïsme uitgezonderd, als de materiële of wereldse (inclusief de – huidige -wetenschappelijke), zijn voor mij , gerelateerd aan mijn speurtocht , onbevredigend (lees , in absolute zin niet waar).

Hun waarheden omvatten concepten, welke volgens de wetmatigheden van logica, gerelateerd aan het absolute als begrip, onjuist zijn. Zij voldoen daarom niet aan een voorwaarde om in absolute zin waar te – kunnen – zijn.

Het absolute of het volmaakte van hun waarheid is, aan de hand van logica,  volgens hun eigen concepten namelijk niet absoluut of volmaakt.

In hun concepten is het absolute of volmaakte niet objectief maar subjectief , ook dit is echter strijdig met volmaaktheid en het absolute als begrip.

Waarheid in absolute zin zal  via deze routes verborgen blijven, desondanks presenteert men dit als waarheid.

 

de
denker & zoeker

Wat waar is moet voldoen aan het criterium van objectiviteit en het moet voldoen aan de wetmatigheden van logica en het moet niet gebonden zijn aan grenzen.

Het eindresultaat zal anders zijn dat 2 + 2 gelijk zal zijn aan 5, met andere woorden ,de uitkomst zal onjuist zijn, of nog anders gezegt,  onwaarheid of relatieve waarheid zal zich voordoen (gepresenteerd worden) als  absolute waarheid.De uiteindelijke uitkomst zal in absolute zin uiteindelijk geen waarheid maar dwaling gerelateerd aan het absolute. De uitkomst zal niet zijn dat 2 + 2 gelijk is aan vier, maar aan vijf. Het begin van dwaling en de continuering van dwaling.

2+2 = 5 by Radiohead

 

Question everything

Onvrij en begrensd denken kan nooit tot waarheid leiden omdat logische vragen niet gesteld kunnen of mogen worden.Dit vanwege onvrijheid , opgelegd door derden, met betrekking tot het ontwikkelen van bewustzijn of vanwege (vrijwillige) begrenzing van bewustzijn (het geloven), waardoor waarheid ook niet gevonden zal of kan worden, of wel gevonden is maar niet als zodanig herkend zal worden. Zolang er nog vragen te stellen zijn is waarheid in absolute zin niet gevonden. In beide bovengenoemde gevallen is dit aan de orde omdat vragen die gesteld moeten worden niet gesteld zullen worden waardoor (absolute) waarheid verborgen zal blijven.

Waarheid in absolute zin, is voor mij datgene ,wat aan de hand van logische wetmatigheden, in het bewustzijn naar voren komt als antwoord, ongeacht wat dit antwoord en haar verdere implicaties zijn.

Het gaat mij alleen om hetgeen in absolute zin waar is omdat dit waarheid van een blijvend karakter is. Relatieve waarheid (of de waarheid) ,is afhankelijke waarheid en voldoet daardoor niet aan een vereiste aangaande logica, namelijk dat er sprake moet zijn van onafhankelijkheid en objectiviteit.  Relatieve waarheid is gelieerd aan de verkondiger van die waarheid en daardoor niet absoluut waar. Die waarheid is niet de uitkomst van logica ,maar de uitkomst van de mening van de verkondiger van die waarheid.  Bij relatieve waarheid is er altijd sprake van onbeantwoorde vragen welke door logische wetmatigheden worden aangedragen.

Mijn speurtocht heeft echter te maken met datgene wat altijd en overal waar is, onafhankelijk van elk ander ding.

God

Daarvoor neem ik als vertrekpunt het concept van God of een Godheid, een in absolute zin volmaakt wezen ,of anders gezegd een wezen dat van zichzelf in absolute zin geen onvolmaaktheid kent als eigenschap.

Het concept van God, goden of een godheid, is hetgeen gelijk staat aan wat absolute waarheid zou moeten zijn.

Het vertrekpunt had evengoed, de mens zelf, wetenschap, de dood, atheïsme of elk ander facet van het leven zelf ,in algemene zin, kunnen zijn. Het zal toch allemaal leiden naar het concept van God, Goden of een goddelijk wezen , en de vraag als dit wezen – van waarheid (gebaseerd op het concept van God ) -, gebaseerd op absolute waarheid ,wel of niet bestaat.

Die vraag moet iedereen voor zichzelf beantwoorden omdat al het andere hieraan (het antwoord) gerelateerd is.

Longrider



 

2 + 2 = 5 Lyrics – Radiohead

Are you such a dreamer
To put the world to rights
I’ll stay home forever
Where two and two always makes a five
I’ll lay down the tracks
Sandbag and hide
January has April showers
And two and two always makes a five
It’s the devil’s way now
There is no way out
You can scream and you can shout
but It is too late now
Because you have not been
Payin’ attention
Payin’ attention
Payin’ attention
Payin’ attention

 

Yeah I feel it, I needed attention
Payin’ attention
Payin’ attention
Payin’ attention